VEELGESTELDE VRAGEN
Antwoorden op de meest gestelde vragen over onze installaties en certificering.
-
Vanaf januari 2023 worden de nettarieven op een nieuwe manier berekend. Hiertoe wordt het nettarief niet langer enkel gebaseerd op basis van uw totaal jaarlijks verbruik, maar ook op basis van uw piekverbruik.
-> Heeft u al een digitale meter?
Dan wordt het cappaciteitstarief louter gebaseerd op basis van het gemiddelde van uw maandpieken van de afgelopen 12 maanden. Een maandpiek is het hoogste kwartiervermogen in 1 maand. Anders gezegd: in dat kwartier belastte u het net het meest.
-> Heeft u nog geen digitale meter?
Dan wordt er, ongeacht uw verbruik, elke maand een piekverbruik aangenomen van 2,5 kW. Dit is het minimale piekverbruik dat ook wordt aangerekend voor mensen mét een digitale meter. Bovenop deze kost komt dan nog eens een meerkost van ca. 2,1 cent/kWh verbruik.
Conclusie: het behouden van uw analoge meter is dus zeker niet altijd de meest voordelige optie.
-
Airconditioning wordt vaak geassocieerd met koeling tijdens warme zomerdagen. Moderne airco's kunnen echter ook zeer efficiënt verwarmen. Technisch gezien is een moderne split-airco namelijk een lucht-luchtwarmtepomp.
In plaats van warmte te produceren met elektriciteit, haalt het toestel warmte uit de buitenlucht en brengt het die naar binnen. Daardoor kan met 1 kWh elektriciteit meerdere kWh warmte worden geproduceerd.
Hoe kan een airco meer warmte produceren dan elektriciteit verbruiken?
Bij een klassieke elektrische verwarming wordt elektriciteit rechtstreeks omgezet in warmte. Een elektrische weerstand van 2 kW produceert daardoor ongeveer 2 kW warmte.
Een warmtepomp werkt anders. De elektriciteit wordt hoofdzakelijk gebruikt om warmte van buiten naar binnen te verplaatsen.
De verhouding tussen het opgenomen elektrische vermogen en het afgegeven verwarmingsvermogen wordt uitgedrukt als de COP (Coefficient of Performance).
Een COP van 4 betekent bijvoorbeeld dat:
1 kWh elektriciteit → ongeveer 4 kWh warmte
wordt geleverd onder de opgegeven omstandigheden.
Is een airco dan vier keer goedkoper dan elektrische verwarming?
In theorie kan het verschil zeer groot zijn, maar de COP is geen constante waarde.
Het rendement wordt onder andere beïnvloed door:
de buitentemperatuur
de gewenste binnentemperatuur
het type toestel
deellastwerking
het temperatuurverschil tussen binnen en buiten
ontdooicycli van de buitenunit.
Hoe kouder het buiten wordt, hoe harder de warmtepomp moet werken om warmte uit de buitenlucht te halen.
Daarom wordt naast COP vaak de SCOP gebruikt. Die Seasonal Coefficient of Performance geeft een beter beeld van de efficiëntie over een volledig verwarmingsseizoen.
Airco combineren met zonnepanelen?
Een interessante combinatie ontstaat wanneer een woning over zonnepanelen beschikt.
In het voor- en najaar is er regelmatig gelijktijdig behoefte aan verwarming en productie van zonne-energie. Een gedeelte van de geproduceerde elektriciteit kan dan rechtstreeks door de warmtepomp worden gebruikt.
Hierdoor verhoogt het eigen verbruik van de zonnepanelen.
Bij Ecosun bekijken we niet alleen het vermogen van de airco, maar ook de woning, de bestaande verwarming en eventuele zonnepanelen en thuisbatterij. Zo kan de volledige energie-installatie op elkaar worden afgestemd.
-
Zonnepanelen worden doorgaans verkocht met vermogensgaranties van 25 tot zelfs 30 jaar. Tegelijk zien we vandaag zonnepanelen die al twintig jaar op een dak liggen en nog steeds elektriciteit produceren. Hoe lang mogen we dan verwachten dat de huidige generatie zonnepanelen meegaat?
Een zonnepaneel stopt niet plots met werken na 25 jaar
De levensduur van zonnepanelen wordt soms verkeerd geïnterpreteerd.
Een vermogensgarantie van 25 of 30 jaar betekent niet dat het paneel daarna vervangen moet worden. Zonnepanelen verliezen geleidelijk een gedeelte van hun oorspronkelijke vermogen.
Dit noemen we degradatie.
Een paneel van 450 Wp zal na tientallen jaren dus doorgaans nog steeds elektriciteit produceren, maar mogelijk iets minder dan toen het nieuw was.
Wat leren oude zonnepanelen ons?
Er bestaan ondertussen zeer veel PV-installaties die twintig jaar of ouder zijn.
Dat is interessant, omdat we hierdoor niet uitsluitend afhankelijk zijn van theoretische verouderingstesten. We kunnen ook zien hoe zonnepanelen zich in de praktijk gedragen na jarenlang blootgesteld te zijn aan zonlicht, regen, vorst, wind en temperatuurschommelingen.
Veel oudere installaties produceren na twintig jaar nog steeds elektriciteit.
Zijn moderne zonnepanelen beter?
De huidige zonnepanelen verschillen behoorlijk van panelen die twintig jaar geleden geplaatst werden.
Een belangrijk verschil is het vermogen. Waar oudere residentiële zonnepanelen bijvoorbeeld ongeveer 150 tot 250 Wp konden leveren, zitten moderne residentiële panelen vaak ruim boven 400 Wp.
Daarnaast zijn celtechnologie, verbindingstechnieken en productiemethoden sterk geëvolueerd.
Steeds vaker worden bovendien glas-glas zonnepanelen gebruikt. Hierbij bevinden de zonnecellen zich tussen twee glasplaten in plaats van tussen glas en een kunststof achterzijde.
-
Item description
-
In Vlaanderen zijn nog heel wat oudere zonnepaneleninstallaties actief waarvoor groenestroomcertificaten worden toegekend. Eigenaars van deze installaties vragen zich regelmatig af of ze een moderne thuisbatterij kunnen toevoegen zonder hun groenestroomcertificaten in gevaar te brengen.
Dat is een belangrijke vraag, omdat de waarde van de resterende certificaten aanzienlijk kan zijn.
Waarom is de meting belangrijk?
Groenestroomcertificaten worden toegekend op basis van de elektriciteit die door de zonnepanelen wordt geproduceerd.
Daarom beschikt een oudere installatie met certificaten doorgaans over een afzonderlijke productiemeter.
Wanneer een batterij aan de installatie wordt toegevoegd, moet vermeden worden dat elektriciteit die niet door de zonnepanelen geproduceerd werd als gecertificeerde groene productie wordt geregistreerd.
Dat wordt vooral belangrijk wanneer de batterij ook vanuit het elektriciteitsnet kan worden opgeladen.
Waarom kan een bidirectionele meting nodig zijn?
Een batterij kan energie in verschillende richtingen laten stromen.
Ze kan zonne-energie opslaan en later opnieuw aan de woning leveren, maar sommige systemen kunnen eveneens energie uit het net opslaan.
Daarom moet de meetconfiguratie zodanig worden uitgevoerd dat de productie die voor groenestroomcertificaten in aanmerking komt correct kan worden vastgesteld.
Een geschikte bidirectionele meetoplossing kan daarbij noodzakelijk zijn, afhankelijk van de bestaande installatie en configuratie.
-
Een veel voorkomende misvatting is dat iedere woning met zonnepanelen en een thuisbatterij automatisch elektriciteit heeft wanneer het openbare elektriciteitsnet uitvalt.
Dat is niet noodzakelijk het geval.
Om tijdens een stroompanne elektriciteit te kunnen gebruiken, moet de installatie specifiek over een back-upvoorziening beschikken.
Waarom schakelt een gewone omvormer uit?
Een netgekoppelde omvormer moet uitschakelen wanneer het openbare elektriciteitsnet wegvalt.
Dit voorkomt dat de installatie onverwacht spanning op het elektriciteitsnet blijft zetten.
Een geschikte hybride omvormer met back-upvoorziening kan de woning of een gedeelte ervan echter loskoppelen van het openbare net en een eigen lokaal elektriciteitsnet vormen.
Mogelijkheid 1: handmatige back-up van de volledige woning
Hierbij plaatsen we een schakelaar in het elektrische bord.
Tijdens normale werking staat de woning gekoppeld aan het elektriciteitsnet. Bij een stroompanne kan de gebruiker overschakelen naar off-gridbedrijf.
De volledige woning kan vervolgens gevoed worden, maar de gebruiker moet rekening houden met het beschikbare omvormervermogen.
Mogelijkheid 2: automatische back-up van geselecteerde kringen
Hierbij worden enkele belangrijke kringen vooraf geselecteerd.
Denk bijvoorbeeld aan:
verlichting;
koelkast en diepvriezer;
internet;
bepaalde stopcontacten.
Deze blijven bij netuitval automatisch gevoed.
Zware verbruikers zoals elektrische verwarming, kookplaten of laadpalen worden bij deze uitvoering niet op de automatische back-up aangesloten.
Mogelijkheid 3: beide combineren
Een derde oplossing combineert beide principes.
Essentiële kringen krijgen automatisch back-up. Daarnaast kan de gebruiker tijdens een langere stroompanne ook andere delen van de woning handmatig op de back-upvoorziening schakelen.
Hierdoor blijven belangrijke voorzieningen automatisch functioneren, terwijl toch de mogelijkheid bestaat om tijdelijk bijkomende kringen te gebruiken.
Werken zonnepanelen tijdens de stroompanne?
Bij een correct ontworpen compatibel back-upsysteem kan de omvormer tijdens een stroomonderbreking blijven functioneren.
Hierdoor kan zonne-energie overdag gebruikt worden door de woning en, afhankelijk van het systeem en de omstandigheden, de batterij opnieuw opladen.
Een goed ontworpen back-upsysteem gaat daarom veel verder dan simpelweg “een batterij aansluiten”.
Bij Ecosun bepalen we vooraf welke toestellen tijdens een stroompanne beschikbaar moeten blijven en ontwerpen we de elektrische installatie en back-upvoorziening in functie daarvan.
-
Zonnepanelen op het zuiden worden traditioneel als de ideale opstelling beschouwd. Toch worden steeds meer installaties bewust oost-west geplaatst.
Welke opstelling is het beste?
Dat hangt af van wat u precies wilt optimaliseren.
Zuid: hoge jaarproductie per paneel
Een zonnepaneel dat optimaal naar het zuiden gericht staat, kan op jaarbasis een hoge productie behalen.
De productiecurve kent daarbij doorgaans een duidelijke piek rond het midden van de dag.
Wanneer de beschikbare dakoppervlakte beperkt is en de maximale jaarproductie per paneel belangrijk is, kan zuid daarom interessant zijn.
Oost-west: productie beter over de dag verspreid
Bij een oost-westopstelling produceren de oostelijke panelen relatief meer in de ochtend en de westelijke panelen relatief meer in de namiddag en vroege avond.
Daardoor ontstaat een bredere productiecurve.
Dat kan interessant zijn omdat een huishouden ook 's morgens en later op de dag elektriciteit gebruikt.
Staat uw vraag er niet bij?
Neem gerust contact op — wij helpen u graag verder.