Welke oriëntatie is het beste voor zonnepanelen?

De oriëntatie en hellingshoek van zonnepanelen bepalen mee hoeveel elektriciteit ze jaarlijks produceren. Traditioneel werd vooral gezocht naar de opstelling met de hoogste jaaropbrengst in kWh. Dat denken stamt gedeeltelijk uit de periode van de groenestroomcertificaten: voor iedere geproduceerde hoeveelheid groene stroom werd een vergoeding toegekend. Elke extra geproduceerde kWh had daardoor rechtstreeks financiële waarde.

Vandaag ligt dat anders. Met de digitale meter is niet alleen de totale productie belangrijk, maar ook wanneer de elektriciteit wordt geproduceerd en hoeveel ervan rechtstreeks wordt verbruikt. De opstelling met de hoogste jaaropbrengst is daarom niet noodzakelijk de opstelling met het hoogste financiële rendement.

Bij het bepalen van [hoeveel zonnepanelen je nodig hebt], is het dan ook belangrijk om niet alleen naar het jaarlijkse elektriciteitsverbruik te kijken, maar ook naar de beschikbare dakoriëntaties en het verbruiksprofiel.


Welke invloed hebben oriëntatie en hellingshoek?

Onderstaande figuur toont de relatieve jaaropbrengst van zonnepanelen afhankelijk van hun oriëntatie en hellingshoek. De optimale situatie wordt als 100% beschouwd.

Relatieve opbrengst zonnepanelen volgens oriëntatie en hellingshoek

De figuur maakt duidelijk dat zonnepanelen helemaal niet perfect naar het zuiden gericht moeten zijn om een goede opbrengst te behalen.

Een zuidgerichte installatie onder een hellingshoek van 30° haalt ongeveer 100% en vormt de referentie. Maar ook panelen die naar het oosten of westen gericht zijn, kunnen een groot deel van die maximale jaaropbrengst behouden.

De figuur toont bijvoorbeeld ongeveer 87% voor oostgerichte panelen onder 20° en 91% voor westgerichte panelen onder 20°. Een combinatie van oost- en westgerichte zonnepanelen kan dus nog steeds een hoge totale jaarproductie realiseren, terwijl de productie bovendien beter over de dag wordt verdeeld.

Deze percentages zijn indicatief. De werkelijke opbrengst hangt ook af van de geografische ligging, beschaduwing, temperatuur en technische eigenschappen van de installatie.

Maximale opbrengst is niet hetzelfde als maximaal financieel rendement

Een zuidgerichte installatie produceert veel elektriciteit rond het midden van de dag. Bij een woning waar op dat moment weinig elektriciteit wordt verbruikt, wordt een groot gedeelte daarvan geïnjecteerd op het elektriciteitsnet.

Een oost-westinstallatie produceert relatief meer elektriciteit in de ochtend en late namiddag. De totale jaarproductie kan iets lager zijn, maar de productie sluit mogelijk beter aan bij het verbruik van de woning.

Dat verschil is financieel belangrijk. Voor rechtstreeks verbruikte zonne-energie vermijd je de aankoop van elektriciteit van het net. Voor geïnjecteerde elektriciteit ontvang je doorgaans een lagere vergoeding dan de totale prijs die je betaalt voor afgenomen elektriciteit.

Een hogere zelfconsumptie kan daardoor het financiële rendement verbeteren. Toch betekent dit niet dat een oost-westinstallatie automatisch rendabeler is. De totale productie, installatiekosten, elektriciteitstarieven en het werkelijke verbruiksprofiel blijven bepalend. Ook bij het beoordelen van [hoeveel zonnepanelen kosten] is het belangrijk om de investering af te wegen tegen de verwachte besparing op de elektriciteitsfactuur.

De vraag is dus niet alleen:

"Met welke oriëntatie produceer ik de meeste kWh?"

maar ook:

"Wanneer produceren mijn zonnepanelen die kWh?"

Waarom oost-west steeds interessanter wordt

Bij een oost-westopstelling wordt de productie over een groter gedeelte van de dag verspreid. Oostgerichte zonnepanelen leveren relatief meer elektriciteit in de ochtend, terwijl westgerichte zonnepanelen later op de dag meer bijdragen.

Dat kan beter aansluiten bij het huishoudelijke verbruik en vermindert de uitgesproken middagpiek van een volledig zuidgerichte installatie.

Op een plat dak komt daar nog een voordeel bij: een oost-westopstelling laat vaak toe om meer zonnepanelen op dezelfde oppervlakte te plaatsen. Bij zuidgerichte rijen is doorgaans meer tussenruimte nodig om onderlinge beschaduwing te beperken.

Bij een [zonnepaneleninstallatie in Leuven] paste Ecosun een oost-westopstelling toe. Dergelijke installaties illustreren hoe de beschikbare dakoppervlakte benut kan worden en hoe zonnepanelen met verschillende oriëntaties in één installatie gecombineerd kunnen worden.

Ook de prijs per geproduceerde kWh speelt een rol. Wanneer een oost-westopstelling meer panelen op hetzelfde dak mogelijk maakt, kunnen bepaalde vaste installatiekosten over een groter geïnstalleerd vermogen worden verdeeld. Dat kan gunstig zijn voor de totale investering, afhankelijk van de gebruikte montagemethode en de complexiteit van het dak.

Verticale zonnepanelen: minder jaaropbrengst, maar toch interessant?

De figuur toont ook een opvallend voorbeeld. Een zonnepaneel dat verticaal (90°) en volledig naar het zuiden wordt geplaatst, haalt volgens de gebruikte opbrengstkaart ongeveer 71% van de maximale jaaropbrengst.

Puur op basis van jaarlijkse kWh lijkt verticale montage daardoor minder interessant. Toch kan ze in bepaalde situaties een goede aanvulling vormen.

Verticale zonnepanelen profiteren relatief meer van een laagstaande zon. Hun productie is daardoor anders over het jaar verdeeld dan bij zonnepanelen op een klassiek hellend dak. Tijdens de zomermaanden, wanneer conventioneel geplaatste zonnepanelen grote productiepieken veroorzaken, is hun relatieve productie lager. Bij een lagere zonnestand wordt het verschil kleiner.

De precieze productiecurve hangt sterk af van de oriëntatie. Verticaal geplaatste zuidgerichte panelen hebben bijvoorbeeld een ander productieprofiel dan verticale panelen die naar het oosten en westen gericht zijn.

Verticale zonnepanelen kunnen daarom interessant zijn wanneer het dak al volledig benut is, wanneer een [bestaande zonnepaneleninstallatie wordt uitgebreid] of wanneer bewust gezocht wordt naar een betere spreiding van de productie over het jaar.

Bij een [realisatie met zonnepanelen en thuisbatterij in Dilsen-Stokkem] breidde Ecosun een bestaande zonnepaneleninstallatie uit met verticaal geplaatste zonnepanelen. Zo kon bijkomende productiecapaciteit worden voorzien zonder uitsluitend afhankelijk te zijn van de beschikbare dakoppervlakte.

Wat verandert er met een thuisbatterij?

Een thuisbatterij verandert de afweging tussen verschillende oriëntaties. Een sterke productiepiek rond de middag kan gedeeltelijk in de batterij worden opgeslagen en later op de dag opnieuw worden gebruikt.

Hierdoor hoeft een verschil tussen productie en verbruik minder problematisch te zijn. Een zuidgerichte installatie kan dankzij batterijopslag bijvoorbeeld een groter gedeelte van haar middagproductie nuttig inzetten tijdens de avonduren.

De ideale combinatie hangt echter af van de grootte van de PV-installatie, het elektriciteitsverbruik en de gewenste batterijcapaciteit. Een batterij die te klein is, kan een groot productieoverschot maar gedeeltelijk opslaan. Een te grote batterij kan dan weer leiden tot onnodig hoge investeringskosten.

Daarom is het belangrijk om vooraf te bepalen [welke capaciteit een thuisbatterij nodig heeft], rekening houdend met het dagelijkse verbruik en de verwachte zonneproductie. Ook de [rendabiliteit van een thuisbatterij in 2026] hangt nauw samen met de mate waarin de opgeslagen elektriciteit daadwerkelijk kan worden benut.

Ook bij woningen met bestaande zonnepanelen is batterijopslag een mogelijkheid. Een [thuisbatterij toevoegen aan bestaande zonnepanelen] vereist niet noodzakelijk dat de volledige zonnepaneleninstallatie wordt vervangen. De technische mogelijkheden hangen onder meer af van de aanwezige omvormer en de gewenste systeemconfiguratie.

Dynamische energieprijzen maken het tijdstip van productie belangrijker

Bij een dynamisch energiecontract verandert de elektriciteitsprijs doorgaans per uur of per kwartier, afhankelijk van het contract en de gebruikte marktprijzen. Op momenten met veel zonneproductie kunnen de marktprijzen zeer laag of zelfs negatief worden.

Een installatie uitsluitend ontwerpen om rond de middag zoveel mogelijk elektriciteit te produceren, is daardoor niet noodzakelijk financieel optimaal. Productiespreiding, zelfverbruik, batterijopslag en slimme sturing worden steeds belangrijker.

Bij een dynamisch contract is bovendien niet alleen de aankoopprijs van elektriciteit relevant, maar ook de vergoeding die je ontvangt voor geïnjecteerde stroom. Een groot productieoverschot op momenten met lage of negatieve injectieprijzen kan financieel minder aantrekkelijk zijn.

Een slim energiemanagementsysteem kan rekening houden met productie, verbruik, batterijcapaciteit en elektriciteitsprijzen om te bepalen wanneer elektriciteit het best wordt opgeslagen, verbruikt of geïnjecteerd. De mogelijkheden van [slimme sturing van een thuisbatterij met een dynamisch energiecontract] maken het daardoor mogelijk om de beschikbare zonne-energie financieel gerichter te benutten.

Niet ieder huishouden heeft echter baat bij een dynamisch contract. De keuze tussen vaste, variabele en dynamische tarieven hangt af van de mogelijkheden om het elektriciteitsverbruik te sturen. Daarom is het nuttig om ook de [verschillende soorten energiecontracten en de opbouw van de energiefactuur] te begrijpen.

Wat is uiteindelijk de beste oriëntatie?

Er bestaat niet één optimale oriëntatie voor iedere woning.

Een zuidgerichte installatie rond 30° blijft zeer interessant wanneer het doel is om per zonnepaneel een zo hoog mogelijke jaarlijkse productie te realiseren. Een oost-westopstelling kan daarentegen de productie beter over de dag spreiden en op platte daken toelaten om meer zonnepanelen te plaatsen.

Zelfs verticale zonnepanelen kunnen een interessante aanvulling zijn wanneer het dak al benut is of wanneer een andere spreiding van de productie gewenst is.

Een goed ontwerp kijkt daarom verder dan alleen het percentage op een opbrengstkaart. Dakoppervlakte, oriëntatie, schaduw, verbruiksprofiel, zelfverbruik, thuisbatterij en energiecontract bepalen samen welke oplossing het interessantst is.

Dat blijkt ook uit de [verschillende zonnepanelenrealisaties van Ecosun], waar de installatie telkens wordt afgestemd op de eigenschappen van het gebouw en de beschikbare dakvlakken.

Welke opstelling past bij jouw woning?

Ecosun bekijkt de beschikbare dakvlakken, oriëntatie, schaduw en het elektriciteitsverbruik om een zonnepaneleninstallatie op maat te ontwerpen.

Daarbij houden we niet alleen rekening met de verwachte jaaropbrengst, maar ook met de mogelijkheden om de opgewekte elektriciteit zelf te gebruiken en eventueel op te slaan.

Een doordachte keuze van de oriëntatie en hellingshoek helpt om het maximale uit de beschikbare dakoppervlakte te halen. Vraag vrijblijvend een offerte aan voor zonnepanelen en ontdek welke opstelling het best bij jouw woning past.


Previous
Previous

Hoeveel zonnepanelen heb ik nodig?

Next
Next

Hoeveel kosten zonnepanelen?